door: Salt Magazinewoensdag 3 februari 2010

Good Vibrations | van Dick Dale tot Jack Johnson

Dankzij de relaxte muziek van singer-songwriters als Jack Johnson en Donovan Frankenreiter is de ‘laid back’ strand/surfmuziek populairder dan ooit. Toch is deze nieuwe generatie van surfende artiesten schatplichtig aan de originele surf sound uit de jaren ’60 van de vorige eeuw. “Good good good good vibrations. She’s giving me excitations.”


De surfmuziek neemt al sinds de jaren ‘60 een opvallende plaats binnen de popmuziek in. Bij surfliedjes denk je waarschijnlijk meteen aan het harmonieuze stemgeluid van de Beach Boys met hun luchtige liedjes over surfen, meisjes in bikini’s en snelle auto’s, maar echte surfmuziek is van oorsprong eigenlijk puur instrumentaal – waarbij een leadgitaar aangevuld met opzwepende drums en baslijntjes de hoofdrol spelen. Instrumentale bands als The Ventures en Johnny and the Hurricanes traden eind jaren ‘50 veel in Californische clubs op die vooral door surfers bezocht werden.


Het is echter Dick Dale (met zijn band de Deltones) geweest die de surf sound voorgoed op kaart heeft gezet. Met zijn tokkelende gitaarspel bracht Dale surfers in extase, helemaal toen hij het geluid vergeleek met het afsurfen van een golf. Dale’s ‘Let’s Go Trippin’ uit 1961 wordt gezien als de eerste surf rock song. Met zijn nummer 1 hit ‘Misirlou’ vestigde de voormalige country zanger voorgoed zijn reputatie als ‘King of the Surf Guitar’. Tegelijkertijd zorgden surf/strand films als ‘Gidget’ (1959) en ‘Blue Hawaii’ (1961), met Elvis in de hoofdrol, ervoor dat de surfcultuur ook in de rest van Amerika als een golf overspoelde. Dit had tot gevolg dat instrumentale bands, zoals The Chantays (‘Pipeline’), The Surfaris (‘Wipe out’) en The Trashmen (Surfin' bird), de ene na de andere surfhit scoorde. Dat deze surfmuzikanten nog nooit op een surfboard hadden gestaan of mijlenver van het strand woonden, deed niets aan het ultieme surfgevoel af.

Ondertussen waren vijf Californische jongens hard op weg om alles en iedereen te overvleugelen. Hoewel de zoet gevoicede Beach Boys het in het begin van hun carrière niet van hun instrumenten maar juist van hun stemmen moesten hebben, scoorden ze in 1962 een monsterhit met ‘Surfin' Safari’. De band – die later met nummers als ‘Good Vibrations’ en ‘God Only Knows’ ingenieuze juweeltjes zou afleveren die helemaal niets met surfen te maken hadden – zou uitgroeien tot de best verkopende Amerikaanse band aller tijden. De ‘Britse invasie’ (lees The Beatles, The Who) zorgde ervoor dat surfmuziek een langzame dood stierf. Ironisch genoeg is het meesterwerk van The Beatles, ‘Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band’, duidelijk geïnspireerd op het complexe Beach Boys album ‘Pet Sounds’. Toch heeft ook de originele instrumentale surf sound duidelijk zijn sporen nagelaten in de latere popgeschiedenis. Zo hebben rockers als Jimi Hendrix, The Ramones, The Offspring en de Red Hot Chilli Pepper duidelijk goed naar Dale’s gitaarspel geluisterd.


In de jaren ’90 beleefde de surfcultuur en de bijbehorende sound een ware revival. Dankzij de film ‘Point Break’ (1991), waarin een surf gang een serie bankovervallen pleegt, maakte een nieuw publiek kennis met de surf lifestyle. Quentin Tarantino zorgde er met de soundtrack van ‘Pulp Fiction’ (1994) – hij zette vijf klassieke surfnummers op de soundtrack, waaronder Dick Dale’s Misirlou (1962) - eigenhandig voor dat instrumentale surfmuziek weer hip werd. En wie nu bij relaxte klanken wil wegdromen naar zee, strand en golven hoeft alleen maar de radio aan te zetten en te luisteren naar Jack Johnson, Donovan Frankenreiter, Ben Harper of Chris Isaac (wie kent em nog?). Het enige verschil tussen deze muzikanten en de Beach Boys is dat deze moderne strandjongens wel surfen.

Dick Dale & The Del Tones "Misirlou" 1963


The beach boys -good vibrations


Jack Johnson, Matt Costa performing Let It Be Sung

Tell a friend
Reageer