Het verlangen naar de kick

Bungee jumpen, kinky seks, parachute springen, horror films, snelle auto’s, de nieuwste gadgets... De moderne mens heeft steeds extremere prikkels en uitdagingen nodig om te voelen dat hij lééft. Zeker in Nederland, waar alles zo goed is geregeld dat je nergens meer over hoeft na te denken en vrijwel alle natuurlijke en materiële uitdagingen zijn weggevallen, gaan we steeds meer op zoek naar kicks en sensatie.

Pas als we ondersteboven aan touwen langs de Eiger noordwand hangen, een marathon lopen of op een vlot een snelstromende rivier afrazen, hebben we weer het gevoel dat we leven en dat we iemand zijn. In de roes van de kick komen we onszelf tegen, kunnen we grenzen verleggen en angsten overwinnen. Sommige thrill seekers - zoals de Amerikanen ze noemen - spreken zelfs van haast ‘mystieke’ ervaringen, initiatiemomenten waarbij ze als het ware boven zichzelf uitstijgen.

Volgens de Amerikaanse auteur en coach Robert Bly zijn zulke initiatiemomenten van essentieel belang om jezelf te leren kennen en naar een volgende fase in je ontwikkeling te gaan. Bij natuurvolkeren horen dergelijke initiatiemomenten als vanzelfsprekend bij de opvoeding: jongens die op weg zijn man te worden, worden het bos in gestuurd om een dier te doden of moeten een nacht alleen in het oerwoud zijn. Meisjes die voor het eerst menstrueren, worden toegelaten tot de ‘inner circle’ van de vrouwen waardoor ze worden uitgedaagd andere kwaliteiten aan te boren dan ze in hun kindertijd gewend waren. Maar omdat onze moderne samenleving dergelijke initiaties niet meer kent, gaan we zelf op zoek naar uitdagingen om te bewijzen dat we een ‘man’ of een ‘vrouw’ zijn of om erbij te horen. Volgens Bly is dat de verklaring voor straatgeweld, bendes en roekeloos gedrag – met name bij mannen. Bij vrouwen uit het gebrek aan initiatiemomenten zich bijvoorbeeld in het dragen van sexy kleding op een leeftijd waarop hun moeders nog met poppen speelden.
Onderzoek heeft ook uitgewezen dat mensen die hun leven als saai en gewoon beschrijven extra hard op zoek gaan naar kicks en sensatiemomenten. Zo blijken de meeste voetbal hooligans over het algemeen geen asociale, doorgeslagen en ontspoorde types zonder werk of inkomen te zijn, maar juist hele gewone jongens met een dodelijk saai van-negen-tot-vijf-leven. De schade wordt in het weekend ingehaald. Ook is er onderzoek gedaan naar mensen die voor hun plezier extreme horror-films kijken, waarbij mensen (liefst in slow motion) met kettingzagen worden bewerkt en monsters uit ingewanden kruipen. Ook hier gaven vrijwel alle ondervraagden aan dat hun alledaagse leven betrekkelijk saai en niet erg opwindend was.
Niet voor niets ronselt het Amerikaanse leger met succes in buurten waar de verveling het grootst is door een hoop actie in het vooruitzicht te stellen. Wanneer de rekruten na enkele jaren spanning en sensatie in Arabische woestijnen of Vietnamese oerwouden weer thuiskomen in het gewone leven ontsporen ze vaak. Het prikkelniveau dat ze gewend zijn, wordt bij lange na niet gehaald. Ze krijgen afkickverschijnselen en gaan aan de drank of drugs (als ze dat al niet waren) of gaan extreme rottigheid uithalen om het prikkelniveau dat ze gewend zijn te evenaren.

De mens heeft prikkels nodig om het gevoel te hebben dat hij leeft, zo blijkt uit onderzoek. Wie geen uitdagingen meer ervaart, gaat langzaam dood – eerst geestelijk, dan lichamelijk. Niet voor niets is het bestrijden van verveling in bejaardentehuizen letterlijk van levensbelang. Er zijn experimenten gedaan waarbij alle inwoners van een bejaardenhuis een plant cadeau kregen. Bij de helft werd erbij verteld dat ze die plant zelf moesten verzorgen en bij de andere helft zou het personeel deze taak op zich nemen. Enkele jaren later bleek het sterftecijfer onder de ouderen met de geheel verzorgde plant een stuk hoger te liggen dan bij de andere groep. Gebrek aan uitdaging? Ook zijn er wel eens experimenten gedaan op studenten die zich vrijwillig lieten opsluiten in een ruimte waarin geen enkele externe prikkel kon doordringen. Geen geluid, niets te zien en allemaal van elkaar gescheiden. Na enkele dagen begonnen de meeste te hallucineren. Het gebrek aan externe prikkels zette hen blijkbaar aan om interne prikkels te creëren.

Een van de grootste problemen van de moderne consumptiesamenleving is juist een overdosis aan prikkels. We worden overspoeld met informatie in de vorm van bladen, beelden, muziek, reclame, spullen, sites, programma’s, gadgets, kleding, enzovoorts. De Amerikaanse cultuurfilosoof Neil Postman waarschuwde in de jaren zestig al voor het verslavende effect van amusement: ‘We are amusing ourselves to death’ schreef hij. Onderzoek laat inderdaad zien dat de meeste mensen televisie gebruiken om te ontspannen, maar dat het effect precies omgekeerd is: naarmate we langer kijken, worden we steeds slomer, meer verveeld, neerslachtig en prikkelbaar. Deze ontevredenheid en spanning leiden vervolgens tot nieuwe behoefte aan ontspanning en dus meer televisiekijken. Voor je het weet, zit je gevangen in een vicieuze cirkel.
Bovendien raak je gewend aan prikkels en heb je steeds meer nodig om hetzelfde effect te hebben. De kick gaat eraf. Prikkels die in de jaren zestig nog voldoende waren om volwassenen nachtmerries of rode koontjes te bezorgen (geweld, seks en actie in films), doen tieners nu verveeld weg zappen. Een film van twintig jaar geleden is voor de moderne MTV-generatie een marteling in slow-motion. Gespeelde moord en doodslag geeft ons ook al geen kick meer. Het moet allemaal realistischer, harder en heftiger. Gelukkig is er nu reality-televisie zodat we echte tranen en echte pijn kunnen zien. What’s next?
Een ander probleem met het amuseer-mij-syndroom is dat we na verloop van tijd niet meer in staat zijn om zelf nog inhoud te geven aan ons leven. We moeten voortdurend vermaakt en verrast worden. Inmiddels is er een nieuwe generatie prikkelverslaafden die ‘dataholics’ wordt genoemd. Internationaal onderzoek onder duizend zakenlieden liet zien dat zij in toenemende mate smachten naar digitale informatie. Van de ondervraagden zegt ruim de helft dat ze niet genoeg van het Internet kunnen krijgen en dat ze high worden van het vinden van de gezochte informatie. De meeste erkennen echter ook dat ze geen tijd hebben om iets met die informatie te doen.

En zo raakt de moderne mens steeds meer gevangen tussen kicks en verslavingen en gaat het ware leven aan hem voorbij. Kicks - of het nu bergen beklimmen, snoepen, ruziemaken of koffie drinken is - werken verslavend omdat ze relatief kort duren. Wanneer de roes, die vaak het gevolg is van chemische stoffen als adrenaline, serotonine en dopamine, is uitgewerkt ontstaat een gevoel van leegte. Noem het gerust afkickverschijnselen. Deze verschijnselen zijn vaak de belangrijkste reden om op zoek te gaan naar de volgende kick.
Die verslavende sensaties kunnen van alles zijn. De een krijgt een kick van internet seks, de volgende van drop of chocola en weer een ander van ‘lekker’ ruziemaken. In de Amsterdamse Jordaan woonde een echtpaar dat met de regelmaat van de klok knallende ruzie had. Vaak moest de politie eraan te pas komen om de boel te sussen. Maar zodra de agenten voor de deur stonden, riepen ze in koor: ‘Wat komen jullie doen, een beetje stoken in een goed huwelijk?’ Ze hadden hun kick weer gehad, de emoties waren flink opgelaaid. De agenten dropen af en het stel kon er weer een week tegen.
Iedereen die wel eens heeft geprobeerd om uit de vicieuze cirkel van een verslaving te komen weet hoe moeilijk dat kan zijn. We willen best stoppen met roken, snoepen en ruziemaken, maar hoe doe je dat? Een van de redenen waarom het zo moeilijk is, is dat kicks en verslavingen elkaar in stand houden en versterken. Dit mechanisme wordt het ‘polariteitprincipe’ genoemd. Roken en alcohol horen op deze manier bijvoorbeeld bij elkaar. Roken activeert, alcohol ontspant. Meer van het een vraagt om meer van het ander. Zo gaan koffieverslaving en werkverslaving samen, maar ook suiker en werk, zoet en hartig. Voor sommigen gaan pijn en genot samen, of seks en macht. Daarom is het vaak onmogelijk om met de ene kick te stoppen als je de tegenpool niet tegelijkertijd aanpakt.
Die tegenpolen worden in het Oosten vaak ‘yin’ en ‘yang’ genoemd. De een ontspant, de ander activeert, de een maakt warm, de ander koud, de een is zoet, de ander zout, enzovoorts. Hoe meer yin je tot je neemt, hoe meer yang je daar tegenover moet stellen om in balans te blijven. Dit verklaart het sigaretje (yang) na het vrijen (yin), de irritatie (yang) na het televisiekijken (yin), de seks (yin) na de ruzie (yang), enzovoorts. De enige manier om uit deze eindeloze wipwap van tegenpolen te ontsnappen, is meer in het midden te gaan leven.

In het boeddhisme wordt dit de middenweg, de weg van gematigd leven. Wie niet al te zout eet, hoeft niet al te zoet te eten. Wie niet teveel stress creëert, hoeft niet teveel stoom af te blazen. Wie niet teveel vlees of vis eet, hoeft niet te veel toetjes te eten of alcohol te drinken om in balans te komen. Ook in andere spirituele stromingen is men zich bewust van het effect van uitgebalanceerde voeding op ons innerlijk welzijn. Hindoes gebruiken ayurvedische principes om een maaltijd samen te stellen waarin zoet, bitter, zout en pittig met elkaar in evenwicht zijn. Ook de Japanse macrobiotiek herstelt door middel van voeding de balans wanneer iemand teveel aan een kant van de medaille hangt. Iemand die bijvoorbeeld teveel yin eigenschappen bezit (zoals passiviteit en gebrek aan energie) en daardoor het gevaar loopt om ziektes als diabetes en kanker te ontwikkelen, wordt (simpel gesteld) aangespoord voeding te eten waarin veel vuur zit: lang gekookt of onder hoge druk bereid.

In een samenleving waarin we voortdurend worden verleid tot passief vermaak (‘amusing ourselves to death’) is het volgens de Nederlandse natuurarts Jaap Huibers letterlijk van levensbelang dat je leert om je eigen innerlijk vuur weer aan te wakkeren. Volgens Huibers verkeren de meeste mensen in een continue staat van recreatief leven: ze leven niet, maar worden geleefd. Wanneer authentieke creatieve processen in de kiem worden gesmoord, dooft het innerlijk vuur en daarmee onze weerstand en immuniteit. Volgens hem zijn welvaartsziekten als diabetes en kanker het gevolg van gebrek aan passie en geestkracht en het najagen van zogenaamde zekerheden.

Er is maar een oplossing om uit de vicieuze cirkel te komen van geleefd te worden door externe kicks en prikkels: van binnenuit gaan leven, je eigen kicks creëren, een authentiek mens worden, een schepper die de touwtjes in handen heeft. Huibers spreekt van levenskunstenaars: mensen die niet kopiëren en imiteren, maar vorm en inhoud weet te geven aan hun eigen leven. Dat is pas een kick!

Wait for it...