Floortje Dessing - Salt #5-2009

“Ga je naar Siberië? Goh, wat vervelend voor je. Lijkt me zo saai en zo koud. En er gebeurt daar natuurlijk niets. Volgend jaar maar weer een tropische bestemming uitzoeken hè....?”

Een keer of tien heb ik die opmerking toch wel gehoord, zo vlak voor mijn vertrek naar de stad Yakutsk in midden-Siberië, 450 kilometer van de poolcirkel. En ik kon het me nog wel voorstellen ook. Siberië doet denken aan verbannen worden naar oorden waar niemand wil zijn. En al helemaal niet terwijl wij hier nog zitten na te genieten van een fijne, nog best wel warme nazomer. Maar ik dus wel. En ja, die tropische bestemmingen zijn best fijn, maar ik heb nou eenmaal een afwijking voor de koude barre streken (vandaar ook dat ik dit seizoen voor 3 op Reis langs de poolcirkel reis). En in dat rijtje past Yakutsk prima. Sterker nog, hij hoort eigenlijk bovenaan te staan, want we hebben het hier wel over de koudste stad op aarde waar het in januari zonder al te veel moeite onder de min 55 graden kan duiken! En dat terwijl wij in Nederland al griezelen van min 15 graden.

En dus pakte ik mijn tasje in om deze stad met eigen ogen te gaan bekijken, weliswaar in de herfst maar toch al best guur. De stad bereiken was al een avontuur op zich. Eerst vloog ik naar Peking, om daar vervolgens een vliegtuig naar Vladivostok te nemen. Daar aangekomen zag ik helaas mijn aansluitende vlucht naar Yakutsk aan mijn neus voorbij gaan. Reden? Probeer maar eens met stempels in je paspoort van onder andere Saoedi-Arabie en Jemen in Rusland de grens over te komen. Dat duurt lang kan ik je melden en de douane wordt er niet warm of koud van dat jij door hun gelummel een aansluiting mist. En dus slenterde ik gedwongen bijna drie dagen rond in de havenstad Vladivostok, waar ik zo’n vijf jaar geleden al eens was. Alleen leek het nu een stuk vrolijker en welvarender dan ik me herinner.

Meer dan 72 uur later landde ik dan toch eindelijk in Yaktusk waar gids Slava me al op stond te wachten. De lucht was helder, koud en droog. Ik vulde mijn longen ermee, checkte de temperatuur (min 3, dus prettig volgens Slava) en stapte de auto in. Op weg naar de stad passeerden we slechts grauwe oostblokgebouwen. En ook de stad zelf voldeed aan mijn verwachting: weinig kleur, grijze pleinen en veel oude, modderige auto’s. De bevolking was daarentegen weer totaal anders dan ik me had voorgesteld. Natuurlijk liepen er de oude baboeshka omaatjes, de mannen met bonkige hoofden en puntschoenen aan en vrouwen van middelbare leeftijd met platinablond haar en te strakke broeken. Maar het merendeel van de inwoners is oorspronkelijk en lijkt meer op mongolen en chinezen. Een sterk, trots volk met een eigen, boeiende geschiedenis en een eigen religie. Maar bovenal ook een volk dat niet zo besmet lijkt te zijn met de norse oostblokmentaliteit die je in zoveel delen van West-Rusland tegenkomt.

In de dagen die volgden filmden we het ene na het andere interessante verhaal: over de smeltende permafrost, over het ondergrondse onderzoekscentrum wat permanent bevroren is, over de voormalige Russische strafkampen die hier gevestigd waren maar ook over Julia, een jonge studente die hier milieukunde studeert en later in de politiek wil. En weer bleken de vooroordelen die we soms in het westen over de wereld hebben niet te kloppen. Want Yakutsk is wel degelijk een stad waar wat gebeurt en waar de ‘moderne’ wereld ook zijn intrede heeft gedaan. Zoals Julia al zei in het interview: “we hebben hier gewoon internet dus we zijn volledig op de hoogte van alles in de wereld. We zitten alleen een beetje ver weg om er te komen”
Het enige dat eigenlijk klopt is de kou. Gisteren keek ik op internet en zag dat het er al weer min vijftien is, elke dag. Vanaf december wordt het echt afzien met gemiddelde temperaturen van min veertig. Maar dan zit ik in Nederland, waar met een beetje geluk een vlokje sneeuw valt.

3 op Reis, elke zondag om tien voor acht op Ned 3.

Wait for it...