Berghutten voor dummies

Berghutten, ze liggen als adelaarsnesten tegen de bergwand geplakt. Lees voordat je in één van deze hoogslapers neerstrijkt eerst even deze ‘nestregels’. Sweet dreams.



1. Natuurlijk kun je zo komen aanwaaien. Handiger is het om van tevoren een slaapplek bij de huttenwaard te reserveren. Vooral in het hoogseizoen is het soms dringen geblazen.

2. Schop je bergschoenen uit voordat je over de drempel stapt. Hiermee voorkom je stank-voor-dank-achtige toestanden. De meeste hutten hebben een oversized schoenenkast waar je je stappers kunt omruilen voor sloffen of klompen.

3. Laat je pickel of wandelstokken achter in de hal (vaak de schoenenkast).

4. Meld je altijd bij de huttenwaard(in). Hij/zij verwelkomt je en wijst je een slaapplek toe.

5.
Schuif voor het eten gewoon aan een van de lange stamtafels aan. Het eten is overigens een van de beste bewaarde geheimen van een berghut. De huttenwaard is behalve gastheer vaak ook een verdomd goede chef die kan toveren met lokale ingrediënten.

6. Laat je zondagse kleren gerust thuis. Iedereen in de hut is hiker, biker of klimmer en heeft zijn comfortabele kloffie aan. Zorg dat je warme kleding bij je hebt, bijvoorbeeld een warme fleece. Het kan ’s nachts behoorlijk afkoelen.

7. In de meeste hutten is het lights out rond 22.00 uur. Snaveltjes toe dus. Iedereen is namelijk voor dag en dauw wakker om vroeg op pad te gaan.

8. Je deelt je slaapkamer/slaapzaal (Lager) met andere hutbewoners. In grotere (en luxere) hutten slaap je met minder mensen op een kamer. Slaapspullen zijn meestal aanwezig.
Tip: neem een lakenzak (vaak verplicht) en oordoppen mee.

9. Veel hutten draaien op zonne- en windenergie. Houd dus rekening met je stroom- en waterverbruik.

10. Wil je weten waar in de Alpen de hutten liggen en welke organisaties er over gaan? Op de website van de NKBV vind je een huttenoverzicht

Wait for it...